Basis van elektrische schakelingen en elektromagnetisme
Hoe groot is de vervangingsweerstand als een weerstand van 6 Ω en een van 3 Ω parallel worden geschakeld?
- A2 Ω
- B9 Ω
- C4,5 Ω
Antwoord en toelichting tonen
Antwoord: A. 2 Ω
Voor twee parallelle weerstanden is de vervangingsweerstand R1R2/(R1 + R2) (product gedeeld door som): 6 × 3/(6 + 3) = 18/9 = 2 Ω. Hij volgt ook als het omgekeerde van de som van de omgekeerden, 1/6 + 1/3 = 1/2. De vervangingsweerstand van een parallelschakeling is kleiner dan de kleinste weerstand (3 Ω). Parallel staat over beide weerstanden dezelfde spanning en verdeelt de stroom zich omgekeerd evenredig met de weerstanden, zodat door de weerstand van 3 Ω twee keer zoveel stroom loopt als door die van 6 Ω.
Verder: nog 9 vragen over Basis van elektrische schakelingen en elektromagnetisme