Netwerkontwerp en -beheer
Met de standaardtimers duurt het bij klassiek STP (IEEE 802.1D) na een storing ongeveer 30–50 seconden voordat een eerder geblokkeerde poort frames begint door te sturen. Met welk mechanisme schakelt RSTP sneller over?
- AHet voegt aan frames een veld toe zoals de TTL en gooit rondlopende frames na een vast aantal hops weg, zodat poorten niet meer hoeven te worden geblokkeerd
- BNaburige switches wisselen een voorstel en een akkoord uit om poorten meteen in de forwarding-toestand te zetten, en alternatieve poorten die de rootpoort kunnen vervangen, worden vooraf gekozen
- CHet gebruikt alle links tegelijk om frames te verdelen, zodat bij uitval van een link de overige links het verkeer blijven vervoeren
Antwoord en toelichting tonen
Antwoord: B. Naburige switches wisselen een voorstel en een akkoord uit om poorten meteen in de forwarding-toestand te zetten, en alternatieve poorten die de rootpoort kunnen vervangen, worden vooraf gekozen
Klassiek STP brengt poorten voorzichtig naar de forwarding-toestand en wacht daarbij op timers, zodat er geen lus ontstaat. Met de standaardwaarden tellen de max age van 20 seconden en twee forward delays van 15 seconden, één voor de listening- en één voor de learning-toestand, op tot maar liefst 20 + 15 × 2 = 50 seconden. Bij RSTP wisselen point-to-point verbonden switches een voorstel (proposal) en een akkoord (agreement) uit, zodat een poort frames kan doorsturen zonder op timers te wachten. Het kiest ook vooraf een alternatieve poort (alternate port) die het overneemt als de rootpoort uitvalt, zodat het overschakelen in veel gevallen hooguit enkele seconden duurt. Het basisidee, lussen voorkomen door redundante poorten te blokkeren, is hetzelfde als bij klassiek STP.