Datastructuren en algoritmen
Welke vergelijking van chaining (de elementen op dezelfde positie aan elkaar koppelen in een gelinkte lijst) en open adressering (een andere vrije positie in de tabel zoeken) als methoden om botsingen in een hashtabel af te handelen is juist? De bezettingsgraad (load factor) is het aantal opgeslagen elementen gedeeld door de grootte van de tabel.
- AChaining kan elementen opslaan ook als de bezettingsgraad groter is dan 1, maar open adressering kan niet meer elementen opslaan dan de tabel groot is, en het aantal pogingen neemt sterk toe als de bezettingsgraad 1 nadert
- BBij open adressering treden geen botsingen op, dus een zoekactie kost altijd één poging, ongeacht de bezettingsgraad
- CBij chaining blijft de zoekinspanning gelijk, hoe hoog de bezettingsgraad ook wordt
Antwoord en toelichting tonen
Antwoord: A. Chaining kan elementen opslaan ook als de bezettingsgraad groter is dan 1, maar open adressering kan niet meer elementen opslaan dan de tabel groot is, en het aantal pogingen neemt sterk toe als de bezettingsgraad 1 nadert
Chaining koppelt elementen op dezelfde positie tot lijsten en kan dus meer elementen opslaan dan de tabel groot is, maar de gemiddelde lijstlengte groeit evenredig met de bezettingsgraad, en de zoekinspanning ook. Open adressering slaat alles in de tabel zelf op en kan dus hoogstens zoveel elementen bevatten als de tabel groot is; het aantal pogingen om een vrije plaats te vinden neemt sterk toe als de bezettingsgraad 1 nadert. Bij beide methoden is het gebruikelijk om de tabel te vergroten en alle elementen opnieuw in te voegen (rehashing) zodra de bezettingsgraad een gekozen grens overschrijdt, bijvoorbeeld ongeveer 0,5 tot 0,75. Ook bij open adressering treden botsingen op; ze worden opgevangen door een vrije positie te zoeken.